IMG_0016_fruithof

Duurzame kwekerij Fruithof: biologisch is niet altijd logisch

Vanaf deze lente kun je bij Steck fruitbomen en -planten kopen van Fruithof, een kwekerij in Kapelle in Zeeland. Hun fruitgewassen vallen op doordat ze mooi vol zijn én veel vruchten geven. Op de kwekerij, die in 2000 is opgericht, wordt goed nagedacht over duurzaamheid. Hun fruitgewassen zijn zo biologisch mogelijk, hoewel ze niet dat keurmerk mogen voeren. Eigenaar Wim Kersten legt uit hoe dat zit. 

Tekst: Anoek van der Leest

In 2000 ben je samen met je vrouw Amanda een kwekerij begonnen. Wat was de aanleiding om Fruithof op te richten?
‘Ik werkte in die tijd als bedrijfsleider bij een fruitteeltbedrijf, dat een fruitboomkwekerij als neventak had. Het viel me op dat de magere en ielere boompjes naar de consument gingen en de volle, mooie bomen naar de fruittelers. Dat vond ik jammer voor de consument en zo ging ik nadenken of dat niet anders kon. In 2000 begonnen mijn vrouw en ik zelf fruitbomen en -struiken te kweken onder de vlag van Fruithof om consumenten een beter aanbod te geven.’

Wim en Amanda met zoons

De gewassen van Fruithof zijn populair bij de consument vanwege hun mooie vorm. Wat is het geheim achter de kwaliteit van jullie fruitbomen en -struiken?
‘Alle bomen die wij kweken, laten we groeien op traaggroeiende onderstammen. Hierdoor zijn de bomen heel geschikt voor grote en kleine achtertuinen, en zelfs voor op een balkon. We kweken de bomen in potten, waardoor het gemakkelijker is om voeding en watergift te doseren. Doordat we op deze manier veel aandacht geven aan de bomen, worden ze sterk en vol van vorm. En dat ziet er mooi uit. In de eerste jaren waren verschillende tuincentra wat terughoudend om de bomen van Fruithof te verkopen, omdat deze door het aandachtige kweekproces wat duurder waren. Maar al gauw merkten ze dat consumenten erg gecharmeerd waren van onze aantrekkelijke bomen. Nu, ruim twintig jaar later, bestaat ons familiebedrijf uit 36 medewerkers en worden er meer dan 150 fruitrassen geteeld.’

Jullie lopen graag voorop in de sector. Een paar jaar geleden was Fruithof de eerste kwekerij die overstapte op gerecyclede plantenpotten. Hoe is dat ontstaan?
‘Er worden heel veel kweekpotten gebruikt in de tuinbouw. Plastic wordt gezien als ongewenst materiaal, milieutechnisch gezien, maar het is enorm veelzijdig. Als we het goed kunnen recyclen, dan kunnen we het positief inzetten. Met deze gedachte ging in ik gesprek met een bevriende pottenleverancier. Ik zei: “Als het je lukt om kweekpotten te maken van huisvuil, dan ga ik om.” Hij heeft toen speciaal hiervoor een productielijn opgezet. In het begin zagen de potten er niet uit, maar na wat ge-experimenteer lukte het om mooie, egale potten te maken van gerecycled plastic. Inmiddels zijn veel meer kwekerijen hiermee aan de slag gegaan. Dit geeft overigens een nieuw probleem: er kan niet genoeg plastic uit het Nederlandse huisvuil worden onttrokken om al die potjes te maken. Inmiddels wordt een deel van het plastic uit het buitenland gehaald’

Ook op andere vlakken zijn jullie met duurzaamheid bezig, maar toch staat Fruithof niet te boek als biologische kwekerij. Hoe komt dat?
‘Dat heeft alles te maken met regelgeving. De voorwaarden om in Nederland te voldoen aan het label biologisch zijn veel strenger dan in andere Europese landen. Sommige grote tuincentra halen hun biologische fruitbomen bijvoorbeeld uit Duitsland. Wat daar het etiket biologisch mag dragen, wordt in Nederland niet als biologisch gezien. Tegelijkertijd mag de Nederlandse toezichthouder (Skal) de producten uit het buitenland niet herkeuren. Zo kunnen deze tuincentra gewassen verkopen met het etiket biologisch, terwijl Nederlandse kwekers veel meer moeite moeten doen om dat etiket te mogen voeren. We hebben lang geprobeerd om onze gewassen volledig biologisch op te kweken. Maar inmiddels zie ik de meerwaarde in van het adagium: biologisch als het kan, chemisch als het moet. Als je alles biologisch doet, dan kom je soms voor het probleem te staan dat een hele kas vol planten wordt aangevreten door een schimmel. Kun je al je planten weggooien, terwijl je ze met een chemisch middel had kunnen redden. Dat is in zichzelf ook niet erg duurzaam. Wij mensen proberen zo gezond en natuurlijk mogelijk te leven, maar bij ernstige ziekte grijpen we naar de antibiotica of andere chemische middelen. Ik denk dat het realistischer is om er zo in te staan. Daarnaast geeft een boom al biologische vruchten als je een jaar lang geen kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Een boom is van zichzelf biologisch. Vroeger wilde ik dat niet horen, maar inmiddels kan ik niet om deze waarheid heen. We kweken nu zo dus biologisch mogelijk, maar soms doen we een chemische ingreep als dat nodig is.’

Op welke vlakken zijn jullie nog meer bezig met verantwoord ondernemen?
‘Wat nu heel erg speelt, is de energietransitie. Daar proberen wij ook zo goed mogelijk in mee te doen. Op de nieuwbouw die er binnenkort komt, gaan we zonnepanelen leggen. Op de kassen hebben we dat achterwege gelaten, omdat die het gewicht van de panelen niet goed kunnen dragen. Ook hergebruiken we al het tuinafval, en dat is behoorlijk wat bij ons, als compost. Verder zit het hele bedrijf – gebouwen, paden, velden en kassen – aangesloten op een ondergronds buizensysteem dat het water recyclet.’

Op vrijdag 11 maart heeft Fruithof een inloopspreekuur bij Steck. Je kun dan met al je vragen over fruitgewassen terecht bij de kenners!

Volg Steck via de nieuwsbrief of sociale media